Uitgebreide informatie tinnitus

Ongeveer één op de drie volwassenen (1)(2) heeft weleens een piep, een ruis of een ander geluid in het oor. Tinnitus is een geluid dat anderen niet horen en is afgeleid van het Latijnse woord ‘tinnire’ wat rinkelen betekent. Meestal is een gehoorbeschadiging de directe oorzaak, soms wordt tinnitus veroorzaakt door een overbelasting van het gehoor en soms is er geen duidelijke aanleiding. In de meeste gevallen verdwijnt het geluid na een aantal minuten of uren weer. Helaas gebeurt dat niet altijd.

Wat is tinnitus?

Tinnitus kan in verschillende vormen voorkomen. De ene persoon hoort het geluid in zijn linkeroor, de andere rechts of beiderzijds. Sommige personen kunnen het geluid moeilijk of niet lokaliseren. De ene persoon hoort een pieptoon of een suis, de andere een bromtoon. Sommige personen horen een combinatie van verschillende geluiden. Tinnitus kan variëren in luidheid en frequentie. Bij de ene is het continu aanwezig, bij de andere af en toe.

Tinnitus kan geleidelijk aan ontstaan of plotseling. Wanneer tinnitus opeens ontstaat, kan dat bijvoorbeeld zijn als gevolg van een plotselinge overbelasting van het gehoor of een emotionele gebeurtenis. Niet iedereen heeft hinder van zijn tinnitus. Sommige personen hebben tinnitus, maar ondervinden helemaal geen last. Anderen hebben zodanig veel last van hun geluid dat het dagelijks functioneren eronder lijdt. In de meeste gevallen is er sprake van subjectieve tinnitus. Bij subjectieve tinnitus hoort iemand een geluid zonder een aantoonbare geluidsbron. Bij objectieve tinnitus is er een aantoonbare medische oorzaak voor het geluid, bv. door een afwijking in een bloedvat(3)(4). Een KNO-arts kan onderzoeken of de tinnitus een medische oorzaak heeft en of het medisch te behandelen is.

Waarom krijgt iemand tinnitus? Waarom krijgt de één het wel en de ander niet? Dat zijn vragen waar we nog niet een sluitend antwoord op kunnen geven. Een theorie die de laatste jaren steeds aannemelijker lijkt, is dat tinnitus een normaal zenuwsignaal is (spontane activiteit) dat gewoonlijk in de kleine hersenen wordt gefilterd zodat het niet waarneembaar is. Door een gehoorverlies, een ongeval, stress of andere oorzaken kan dit zenuwsignaal zodanig versterkt worden dat de hersenen dit niet meer kunnen filteren en het naar de voorgrond treedt en als echt geluid hoorbaar wordt. Het is dus geen inbeelding of hallucinatie. Omdat tinnitus een zenuwsignaal is zonder een externe geluidsbron is het niet mogelijk de tinnitus te bestrijden met anti-geluid. We kunnen het zenuwsignaal niet stoppen of uitdoven.

Wat we nu weten over tinnitus kunnen we het best uitleggen aan de hand van onderstaand schema. Dit schema toont de weg die een zenuwsignaal, veroorzaakt door geluid of tinnitus, aflegt door de hersenen. Wereldwijd zijn veel tinnitusbehandelingen gebaseerd op dit TRT-schema (Tinnitus Retraining Therapy) dat ontwikkeld werd door Jastreboff(5). Stress kan op het niveau van de detectie (kleine hersenen), emotionele associaties (limbisch systeem) en de gemoedstoestand (autonoom zenuwstelsel) een invloed hebben. Met het woord stress bedoelen we de brede betekenis van het woord. Stress kan niet alleen geïnterpreteerd worden in de betekenis van psychische stress of spanning door bijvoorbeeld een hoge werkdruk of gedachtes van frustratie en machteloosheid. Ook wanneer er een extra belasting van de hersenen is doordat bijvoorbeeld een hogere luisterinspanning geleverd moet worden om spraak te verstaan, valt onder het begrip stress.

Geluid dat ons oor binnenkomt wordt in het binnenoor omgezet in een zenuwsignaal. Het oor wordt ook de bron van het zenuwsignaal genoemd. Maar de gehoorzenuw produceert ook een zenuwsignaal zonder dat er geluid is, een spontane activiteit. Dit kan ook als bron worden opgevat.

Het zenuwsignaal komt vervolgens aan in de kleine hersenen. Hier vindt heel veel automatische verwerking plaats, waaronder een scheiding van het geluid in voorgrond en achtergrond. Alles wat niet interessant of niet belangrijk is, zoals spontane activiteit van de gehoorzenuw, wordt op een hoop ‘achtergrond’ gegooid en gefilterd, het wordt niet bewust waargenomen. Alleen wat boven de achtergrond-grens uitkomt, wordt doorgegeven aan de grote hersenen en horen we bewust. Dit wordt de detectie genoemd omdat gedetecteerd wordt of een belangrijk geluid aanwezig is. Wanneer de spontane activiteit boven de achtergrondgrens komt, wordt het als tinnitusgeluid hoorbaar.

Geluid dat via de kleine hersenen doorgegeven wordt aan de grote hersenen moet geïnterpreteerd en geëvalueerd worden. Er moet een labeltje aan (“het is het geluid van een …”) en het moet in verband gebracht worden met andere waarnemingen (“het klinkt ongeveer als …” of “wat raar dat ik dit geluid op dit moment en op deze plek hoor”). De grote hersenen hebben geen keuze. Elk signaal dat daar aankomt moet verwerkt worden. Dat kost behoorlijk wat energie en aandacht. Hoe meer geluid er wordt doorgegeven, hoe vermoeiender het luisteren wordt en hoe lastiger het wordt om de aandacht goed te verdelen.

Aan elk geluid wordt ook automatisch een emotie en daaraan een gedachte gekoppeld. Signalen van onze zintuigen zijn sterk verbonden met het limbisch systeem waar onze emoties zitten in onze hersenen. Deze koppeling is zeer sterk bij het gehoor waardoor geluid ons hevig kan raken. Denk bijvoorbeeld aan mooie muziek, een prettige stem, maar ook aan nagels op een schoolbord. Welke emotie er aan een geluid wordt gekoppeld en hoe sterk deze emotie is, varieert tussen verschillende personen. De emoties die we waarnemen hebben een invloed op onze gemoedstoestand, ofwel onze stemming of hoe ‘lekker we in ons vel zitten’. Als we veel negatieve emoties voelen op een dag wordt onze stemming negatiever, en andersom. Ook de invloed van emoties op de gemoedstoestand kan per persoon sterk verschillen.

Zoals boven het TRT-schema staat vermeld, kan stress op meerdere gebieden invloed hebben. De invloed van stress op onze gemoedstoestand is bekend. De meeste mensen voelen zich niet goed in hun vel zitten als ze onder stress staan. In de psychologie en de fysiotherapie wordt steeds meer bekend over de invloed van stress op het autonoom zenuwstelsel en hoe die te beïnvloeden is. Ook ons limbisch systeem reageert anders onder stress. Negatieve emoties krijgen dan als het ware voorrang boven positieve emoties. Ook onze kleine hersenen gaan anders werken als het stressniveau omhoog gaat. De achtergrond-grens gaat omlaag waardoor we alerter worden op allerlei geluiden om ons heen en we veel meer detecteren. Indirect heeft dit weer invloed op onze grote hersenen die zwaarder belast worden, maar we gaan daarnaast ook negatiever interpreteren onder invloed van onze negatieve emoties.

Hoe ontstaat tinnitus?

Door een verhoogde spontane activiteit van de gehoorzenuw of een te lage achtergrond-grens of een combinatie van beide, kunnen de kleine hersenen het spontane zenuwsignaal niet filteren. De hersenen onderscheiden de spontane activiteit van de gehoorzenuw niet met het zenuwsignaal van echt geluid. Hierdoor wordt het tinnitussignaal geïnterpreteerd als een echt geluid.

 

Door stress kan de achtergrond-grens omlaag zijn gedraaid. Deze stress kan psychische stress zijn, maar ook stress door extra luisterinspanning door een gehoorverlies. De luisterinspanning kan ook zorgen voor meer alertheid en een versterking van de zenuwsignalen. Hoewel tinnitus geen directe verslechtering van spraak verstaan veroorzaakt, kan het wel de concentratie en aandacht verstoren. Daardoor moet er meer luisterinspanning worden geleverd. Bij een gehoorverlies kan een hoortoestel de luisterinspanning verlagen zodat gesprekken makkelijker te volgen zijn.

Als we een geluid waarnemen dat onprettig klinkt of dat we niet meteen kunnen herkennen, dan kan het zijn dat we dat geluid als bedreigend ervaren. Vervolgens gaat het dreigingsniveau in de hersenen omhoog waardoor er meer aandacht naar de zintuigen gaat. Met name onze oren kunnen geluiden het best monitoren op bedreigingen. Dat betekent dat we extra aandacht aan die geluiden schenken. Door de extra nadruk ervaren we die onprettige geluiden als bedreigend en blijven de klachten aanwezig. Dat zorgt dat de tinnitus nog duidelijker doorkomt. Zo ontstaat een vicieuze cirkel.

Aan het tinnitusgeluid wordt vaak een negatieve emotie gekoppeld. Hoe negatiever de emotie, hoe storender de tinnitus wordt ervaren. De hiervoor genoemde vicieuze cirkel kan daardoor nog extra worden aangejaagd. Een negatieve emotie is voor de kleine hersenen ook een teken dat het signaal belangrijk is. Hoe sterker de emotionele reactie, hoe belangrijker het geluid. Dit zorgt voor een extra invloed op de achtergrond-grens die zo wordt bijgesteld dat het tinnitusgeluid nooit meer wordt gefilterd. De hersenen denken immers dat het een belangrijk geluid is.

Stress heeft een negatieve invloed op tinnitus. Tinnitus zorgt voor stress en stress verergert, door de invloed op de gemoedstoestand, de emoties en bijhorende gedachten en de detectie, de tinnitusklachten. Indirect heeft dit weer invloed op onze grote hersenen die zwaarder belast worden. We gaan daarnaast ook negatiever interpreteren, het toekomstbeeld wordt minder rooskleurig en een tinnituspatiënt kan in een negatieve spiraal terecht komen. Als eenmaal een negatieve spiraal is ingezet kunnen de klachten verder toenemen en wordt het steeds lastiger om goed te functioneren.

Personen die last hebben van tinnitus melden vaak dat ze zich door het tinnitusgeluid minder goed kunnen concentreren(6). De meeste tinnituspatiënten ervaren hun tinnitusgeluid als luider en meer hinderlijk wanneer ze stress ervaren(7). Sommige personen hebben zodanig veel last van hun tinnitus dat professionele behandeling of begeleiding wenselijk is. Wanneer er sprake is van een gehoorverlies in combinatie met tinnitus is een hoortoestelproef aan te bevelen(8). Ook indien er een licht gehoorverlies aanwezig is, kan een proef met hoortoestellen/ruisgeneratoren zinvol zijn. Naast de technische kant is de psychologische kant ook belangrijk. Er zijn verschillende manieren die ingezet kunnen worden om te leren omgaan met de tinnitusklachten, stress te verminderen, meer te ontspannen, beter te slapen en minder te focussen op de tinnitus. Pento gebruikt hiervoor onder andere methoden uit de Tinnitus Retraining Therapy (TRT) en Cognitieve gedragstherapie (CGT)(9)(10).

Bronnen

  1. Heller AJ. Classification and epidemiology of tinnitus. Otolaryngol Clin North Am 2003 Apr;36(2):239-48.
  2. Rhee J., Lee D., Suh MW., Lee JH., Hong YC., Oh SH., Park MK. Prevalence, associated factors, and comorbidities of tinnitus in adolescents. PLoS One eCollection 2020 Jul 31;15(7).
  3. Sismanis A. Pulsatile tinnitus: contemporary assessment and management. Curr Opin Otolaryngol Head Neck Surg 2011 Oct;19(5):348-57.
  4. Liyanage SH., Singh A., Savundra P., Kalan A. Pulsatile tinnitus. J Laryngol Otol 2006 Feb;120(2):93-7.
  5. Jastreboff PJ., Gray WC., Gold SL. Neurophysiological approach to tinnitus patients. Am J Otol . 1996 Mar;17(2):236-40.
  6. Hallam RS., Mckenna L., Shurlock L. Tinnitus impairs cognitive efficiency. Int J Audiol 2004 Apr;43(4):218-26.
  7. Elarbed A., Fackrell K., Baguley DM., Hoare DJ. Tinnitus and stress in adults: a scoping review. Int J Audiol 2021 Mar 1;60(3):171-182.
  8. Searchfield GD., Kaur M., Martin WH. Hearing aids as an adjunct to counseling: tinnitus patients who choose amplification do better than those that don’t. Int J Audiol 2010 Aug;49(8):574-9.
  9. Bartnik G., Fabijańska A., Rogowski M. Effects of tinnitus retraining therapy (TRT) for patients with tinnitus and subjective hearing loss versus tinnitus only. Scand Audiol Suppl 2001;(52):206-8.
  10. Cima, FCC., Maes IH., Joore MA., Scheyen DJWM., Refaie AE., Baguley DM., Anteunis LJC., van Breukelen GJP., Vlaeyen JWS. Specialised treatment based on cognitive behaviour therapy versus usual care for tinnitus: a randomised controlled trial. Lancet 2012 May 26;379(9830):1951-9.